Geschiedenis van cognac

Cognac is ontstaan in Frankrijk, aan het einde van de 16e eeuw. De drank werd ontdekt door Nederlandse koopvaarders, maar verder verfijnd door Franse distillateurs. Frankrijk kent tegenwoordig maar liefst 500 cognachuizen.

De oorsprong van cognac, een bijzondere brandewijn uit de Franse Cognac-streek, kan teruggevoerd worden tot het einde van de 16e eeuw. Nederlandse koopvaardijschepen deden in die periode geregeld de havensteden van de zuidwestelijke regio Charente aan om wijn en andere producten in te slaan. De Nederlandse kooplui bedachten een slimme manier om te zorgen dat de wijn niet zou bederven tijdens de lange boottocht huiswaarts. Ze distilleerden de wijn, met als doel deze thuis weer aan te lengen met water. Natuurlijk kwamen ze tot de ontdekking dat de wijn door destillatie in een heel ander soort drank veranderde. Deze nieuwe wijnsoort noemden de Nederlanders ‘brandewijn’. Engelse kooplui verbasterden dat woord later tot ‘brandy’.

Cognac werd een steeds gewilder product in het buitenland. Als gevolg daarvan werd de handel in de drank beter en professioneler georganiseerd. Grote aantallen buitenlandse, vooral Britse, kooplieden vestigden speciale kantoren in de Charente, van waaruit ze de handelswaar verhandelden en verscheepten. Vandaar dat sommige beroemde cognachuizen nog steeds Britse namen dragen. Martell bijvoorbeeld werd in 1715 gevestigd door Jean Martell uit Jersey. De stichter van Hennessy (1765), Richard Hennessy, kwam uit Ierland en de oprichter van Hardy was de Engelsman Anthony Hardy.

Ondanks Britse en Nederlandse invloeden, waren het de inwonders van de Charente die het productieproces en daarmee de smaak van cognac hebben verfijnd. De Nederlanders bouwden de eerste distilleerketels, maar de Franse distillateurs maakten daar aan het begin van de 17e eeuw een verbeterde versie van. Zij distilleerden de brandewijn 2 keer (in plaats van 1 keer, zoals de Nederlanders), met een speciale distilleerketel: de alambic charentais. Vervolgens sloegen ze de brandewijn op in eikenhouten vaten die gemaakt werden van bomen uit de nabijgelegen bossen van Limousin. Door de 2e distillatie en de lagering op eikenhouten vaten, verbeterden de smaak en aroma’s van de brandewijn aanzienlijk. De nieuwe brandewijn werd zo populair, dat deze vernoemd werd naar het stadje Cognac.

500 cognachuizen

In totaal zijn er ongeveer 500 huizen die cognac onder hun naam verkopen. De meeste zijn klein, want ongeveer 10 grote huizen hebben bijna 70% van de totale cognacomzet in handen. De grote huizen verbouwen deels hun eigen druiven, maar nemen verreweg het meeste af van wijnbouwers. De Cognacstreek telt maar liefst 40.000 wijnbouwers. De meeste van hen verbouwen alleen druiven en brengen zelf geen cognac op de markt. Sommige maken wel wijnen of jonge cognac en leveren deze dan aan de cognachuizen.

Naar de kadowinkel

Courvoisier VS

70 cl

24.39

Hennessy VS

70 cl

26.49