Geschiedenis van bier

Artikel

Bier is duizenden jaren geleden ontstaan in het Midden-Oosten. Het was toen een betrekkelijk eenvoudige alcoholische drank. Later werd er ook steeds meer bier gebrouwen in West- en Noord-Europa. Vooral sinds de Middeleeuwen heeft bier zich ontwikkeld tot een heerlijke drank met talrijke smaakvariaties.

De bakermat van het bier ligt waarschijnlijk in het Midden-Oosten en Egypte. Een van de eerste schriftelijke vermeldingen van bier staan op 5000 jaar oude Soemerische kleitabletten uit Mesopotamië (het huidige Irak en Syrië). Daarop worden meer dan 20 soorten bier en verschillende recepten met bier beschreven. De oude Soemeriërs maakten bier door brood te verkruimelen en enkele dagen te weken in grote aardewerken potten met water. Door het gistingsproces dat in de potten plaatsvond, ontstond bier. De Soemeriërs voegden dadels en honing toe om het bier een smaakje te geven.

Bier in Noord-Europa

Door de eeuwen heen breidde de kunst van het bierbrouwen zich uit van het Midden-Oosten naar Zuid- en Noord-Europa. In de warmere gebieden rond de Middellandse Zee bleef wijn de favoriete drank. In de koelere noordelijke streken groeiden tarwe en gerst veel beter. Onder de noordelijke volkeren en stammen werd bier dan ook een enorm geliefde drank. Bier nam een steeds belangrijkere plaats in cultuur en religie in. De Scandinavische Vikingen hielden zelfs traditionele feesten waarbij ze bier dronken uit enorme bierhoorns. Ze geloofden dat Vikingen, die in de strijd waren omgekomen, in het hiernamaals zoveel bier konden drinken als ze wilden.

Middeleeuwen

In de Middeleeuwen dronken mensen niet alleen bier tijdens feestelijke en religieuze bijeenkomsten, maar ook om infecties en ziekten te vermijden. Het drinken van bier was veilig, in tegenstelling tot het drinken van water. Het kookproces en de ontstane alcohol vernietigden namelijk de ziektekiemen. Middeleeuwse brouwers gebruikten diverse granen, waaronder tarwe, rogge en haver. Later werd gerst het favoriete graan. Gerst is van alle granen het gemakkelijkst te mouten. Het bevat ook veel zetmeel dat tijdens het brouwproces omgezet kan worden in alcohol.

Brouwerijen in kloosters en aan huis

Kloosterlingen speelden een belangrijke rol in de ontwikkeling van het bier. Bier, gemaakt van graan, werd gezien als een geschenk van God. De monniken brouwden niet alleen bier voor zichzelf, maar ook voor reizigers en pelgrims. Ze maakten meestal 2 soorten bier: bier met veel alcohol voor de paters en de gasten, en lichtere bieren voor de zusters. Monniken in Midden-Europa waren waarschijnlijk de eersten die hop aan het bier toevoegden. Zo bleef het langer houdbaar. Ze gebruikten ook kruiden om het bier speciale smaakjes te geven. Veel gewone mensen brouwden ook thuis hun eigen bier. De meest succesvolle families legden zich helemaal toe op het brouwen en begonnen brouwerijen. Ze verkochten hun bier aan het publiek, kroegen en herbergen.

Bier wereldwijd

Vanaf de 16e eeuw namen Europese immigranten hun kennis van het bierbrouwen mee naar Amerika, Canada en andere kolonies. De Amerikaanse Drooglegging en de Eerste en Tweede Wereldoorlog veroorzaakten enkele dieptepunten in de kwaliteit en beschikbaarheid van bier. Vanaf de jaren ’50 en ’60 fuseerden veel kleine brouwerijen tot enkele grote brouwerijgroepen, die tot op heden aan de top staan van de nationale en internationale markt. Maar de brouwerijen die bijzondere en ambachtelijke bieren produceren worden ook nog altijd gewaardeerd door de consument. Tegenwoordig kunnen mensen in Nederland niet alleen genieten van een goed glas bier van eigen bodem, maar ook van bijzondere speciaalbieren en pilseners uit andere delen van de wereld.